Zaterdag 1 april waren Willibrordushuis en –kerk voor één dag het middelpunt van ons bisdom. Onder de titel ‘Waar is de kerk? Hier is de kerk!’ organiseerde de Vereniging voor Pastoraal Werkenden een inspiratie dag waar ruim 100 deelnemers, pastoraal werkenden en vrijwilligers, op af kwamen. Ons catering team onder leiding van Ina Hoogeboom had de zaken goed voorbereid en voorzag alle gasten de hele dag van ‘nat en droog’. Op tien plekken in het gebouw werden workshops gehouden en de kerk bood de ruimte voor de centrale bijeenkomsten en de afsluitende viering. Gelukkig kon ook pastor Helsloot, voor het eerst in zeven weken, weer aanwezig zijn. Met de rolstoel gebracht, genoot hij zichtbaar van zijn ‘thuiskomst’ zoals hij het zelf noemde. Hij nam ook een schrijven mee aan u allen, dat u hieronder kunt lezen.

Bericht van een weer langzamerhand lopen lerende pastor Helsloot

    Het is morgen, zondag 2 april, precies 7 weken geleden dat ik mijn heup brak. En de chirurg had begin vorige week goede berichten voor mij: ik mag de heup weer 100% belasten. Dat betekent dat ik weer trap mag lopen en dat ik dus weer boven mag slapen. Ook de douche is zo voor mij weer bereikbaar. Dat betekent dat het bed uit mijn kamer weg mag, dat ik mijzelf weer kan wassen en dat de thuiszorg langzamerhand de hulp af kan gaan bouwen. Zo kan ik ook steeds meer de regie van mijn eigen leven weer in de hand nemen, en ben ik steeds minder afhankelijk van de vele lieve mensen om mij heen. U zult begrijpen dat ik daar erg blij mee ben. Ik ga met behulp van de fysiotherapeut werken aan mijn verdere mobilisering, eerst nog met behulp van de rollator en krukken, maar ik hoop dat die hulpmiddelen steeds minder nodig zijn.

    Er is echter wel een ‘maar’ bij, waar de chirurg mij uitdrukkelijk op gewezen heeft. Door de complexe breuk (erger dan de vorige keer) kunnen bloedvaten rond de dijbeenkop beschadigd zijn, waardoor de doorbloeding kan haperen en de dijbeenkop eventueel kan afsterven. Dit zal binnen één jaar duidelijk worden door pijn of moeite met lopen. De chirurg benadrukte dat ik daar zelf totaal geen invloed op kan uitoefenen. Als het misgaat is het absoluut niet mijn schuld, door teveel of te weinig lopen of zo. Het gaat gewoon goed of fout, dat zal de natuur uitwijzen . En als die dijbeenkop afsterft zal er een nieuwe operatie noodzakelijk zijn en zal er een ‘nieuwe heup’ geplaatst moeten worden.

    Over mijn toekomst hangt zo nog wel de donkere schaduw van de noodzaak van een geheel nieuwe heup, maar ik ga er maar vanuit dat ik nu wél eens geluk en géén pech zal hebben. Die hoop houdt mij op de been. En hoewel ik bij u nog niet zelf de ‘Goede Week’ kan vieren, bereid ik mijzelf wel voor om met U het Paasmysterie nu zelf aan den lijve te mogen ervaren: dat ik met Christus mag ‘opstaan’ tot een nieuw leven. Een leven waarin ik weer mijn taak op mag nemen en op dezelfde manier als ik zelf heb mogen ervaren ‘behoedzaam en zorgzaam’ met u om te gaan en zo te leven in het voetspoor van Jezus.

Veel dank voor al uw hulp en vooral ook voor alle tekenen van meeleven in de vorm van bloemen of van de ontelbare kaarten. Zij waren voor mij een geweldige steun.

Graag tot spoedig ziens.
pastor Herman Helsloot