Al enkele weken staat de Witte kerk in het centrum van ons dorp in de steigers. De toren is bekleed met rood gaas en rond de ingang is een betimmering aangebracht. Maar de kerk blijft gelukkig toegankelijk, want vandaag speelt er zich een bijzondere gebeurtenis af. Het boek ‘Meer dan 1000 jaar Witte Kerk’ is na 3 jaar intensief onderzoek door schrijver Jaap de Graaf, in druk verschenen. De Stichting Monument Witte Kerk, die verantwoordelijk is voor het onderhoud en exploitatie, heeft vele Heilooërs uitgenodigd om bij de presentatie van het boek aanwezig te zijn. En zo mag ik hier vanmiddag ook zijn, als een van de vertegenwoordigers van de katholieke geloofsgemeenschap.

    Na een inleidend woord klinkt gregoriaanse zang vanaf de koorzolder, een uitvoering van het loflied voor Maria ‘Alma redemptoris Mater’. Wellicht heeft het duizend jaar geleden hier ook zo geklonken. De muziek zal in deze bijeenkomst een rode draad door de tijd vormen en met een beetje fantasie zie je de Heilooërs uit vroeger eeuwen voor je, wanneer ze ter kerke gaan.
    In een presentatie met lichtbeelden vertelt de auteur ons hoe hij, vanuit zijn functie bij de historische vereniging Oud Heiloo, de uitdaging aannam om een boek te schrijven over de geschiedenis van de Witte Kerk en hoe hij, als niet-historicus, vervolgens te werk is gegaan. Tot in Duitsland en Luxemburg heeft hij archieven onderzocht en de oudste aantekening die hij vond stamt uit het jaar 855. De namen Kinhem (Kennemerland) en Obbinghem (Oesdom) komen daar in voor.

    In de loop van de geschiedenis is de Witte kerk vele malen her- en verbouwd. Het begon met een houten kerkje waarvan de palen in de zestiger jaren gevonden zijn bij opgravingen. Rond 1100 werd er een tufstenen kerk gebouwd. De huidige noordmuur is daarvan overgebleven. In 1200 verrees de huidige toren, ook in tufsteen. In 1400 werd de kerk grondig uitgebreid met een gotisch kruis en schip. De kerk reikte tot ‘de Oude Pastorij’ dus tot over de huidige Kennemerstraatweg.  Op 2 oktober 1574 werd deze kerk door brand grotendeels verwoest en pas in 1630 weer in gebruik genomen door de Protestanten. In 1821 vond een restauratie plaats evenals in 1964. De kerk is dus eigenlijk een ‘lappendeken’ en mede daarom zijn de muren wit gepleisterd.

    Het werk van de auteur oogst veel bewondering van de aanwezigen en er klinkt na zijn uitleg een groot applaus. Dan is het tijd voor de uitreiking van de eerste 4 exemplaren. Ook dit staat in historisch perspectief. De kerk is in de loop der eeuwen vele malen van eigenaar gewisseld. Vertegenwoordigers van die bezitters zijn voor de uitreiking uitgenodigd. Allereerst de abt van de Adelbertusabdij, broeder Gerard Mathijsen. Na de abdij van Echternach waren de Benedictijnen van Egmond de tweede bezitter van de kerk. Vervolgens werd de katholieke gemeenschap van Heiloo de eigenaar. Vandaag mag Pastoor Herman Helsloot die vertegenwoordigen. Daarna ging de kerk over in Protestantse handen. Dominee Philippe Ouwendijk is, 98 jaar oud, aanwezig. En tenslotte ging de toren in 1798 over in gemeentelijke handen. Daarom zal ook wethouder  Rob Opdam een exemplaar overhandigd krijgen. De vier heren nemen plaats achter een tafel en ondertekenen alle vier de boeken voor elkaar. Weer klinkt prachtige muziek, ditmaal van Gabriel Fauré.

    Dan is het tijd om het glas te heffen en vliegensvlug worden alle aanwezigen van een drankje voorzien. Een welgemeende toast volgt op de auteur en zijn boek. En wanneer u nieuwsgierig bent geworden: het boek is in beperkte oplage gedrukt, dus wacht niet te lang!

Marieke Hoetjes